Normen voor een brede inzet van de drone in de maatschappij

Steeds vaker worden drones ingezet voor verschillende doeleinden. Denk aan het vastleggen van landschappen, transporteren van goederen of gewoon voor de ‘fun’. Ook zijn ze makkelijk verkrijgbaar via verschillende nationale en internationale webshops. In de toekomst moeten drones een nog prominentere rol gaan spelen in onze maatschappij. Maar zijn ze wel veilig voor mens en maatschappij? En hoe ziet het precies met privacyregels?

De definitie van een ‘drone’ is ‘een onbemand luchtvaartuig zonder piloot aan boord’. Drones worden ook wel UAV (Unmanned Aerial Vehicle), UAS (Unmanned Aircraft Systems) of RPAS (Remotely Piloted Aircraft Systems) genoemd. Drones worden steeds vaker voor de ‘fun’ gebruikt, maar ze worden wereldwijd professioneel ingezet in een groot aantal sectoren: logistiek, medisch, beveiliging, transport en vooral ook metingen en inspecties op moeilijk toegankelijke plekken. Daarnaast worden ze ook ingezet in ontwikkelingslanden waar de wegen moeilijk begaanbaar zijn. In deze landen worden drones nu al gebruikt om hulpbehoevenden van voedselvoorraden en transfusiebloed te voorzien. In Nederland wordt een drone met name ingezet voor inspecties, het in kaart brengen van landschappen en het maken van foto’s en 3d-scans. In de toekomst wil Nederland ook steeds meer gebruik maken van drones voor het transport van goederen en mensen.

Drone regelgeving

In de afgelopen jaren is er hard gewerkt aan overkoepelende Europese wetgeving en aanvullende Nederlandse wetgeving voor drones. Daarin worden drie categorieën onderscheiden: open, specific en certified. Drones in de open categorie zijn opgedeeld in klassen C0 t/m C4. De technische eisen worden steeds meer uitgebreid. Daarnaast zijn er ‘subcategorieën ’ die operationele eisen en beperkingen geven aan de operatie. Je mag niet met alle drones in alle categorieën vliegen. In alle subcategorieën gelden beperkingen en er zijn geografische zones waar je niet mag vliegen zonder vergunning (bijvoorbeeld bij luchthavens). Indien het gebruik van de drone buiten de beperkingen valt, belandt de drone in de categorie ‘specific’. Automatisch worden hier dan ook meer eisen aan gesteld.

Alleen met de lichtste drones (onder 250 gram) zonder camera mag je zonder verdere eisen vliegen. Er is een uitzondering voor speelgoeddrones bedoeld voor kinderen jonger dan veertien jaar. Alle drones die daarbuiten vallen, moeten geregistreerd worden bij de RDW. Is de drone zwaarder dan 250 gram? Dan is een kennistest en soms ook een examen vereist.

Normen voor drones

Ondanks de wetgeving die geldt voor verschillende categorieën drones, zijn er nog vele uitdagingen. Al jaren wordt er gesproken over de enorme kansen die drones bieden in de logistiek, rondom inspecties en transport. Ook vanuit het oogpunt van het milieu is het een sector die vele kansen schept. Maar onderwerpen als veiligheid, de plaats van de drone in het luchtruim, betrouwbaarheid en privacy beperken de industrie op dit moment nog. Vaak tot frustratie van de industrie, omdat daar veelal een gevoel heerst dat de huidige regels onnodig beperkend zijn. Normen voor drones dragen bij aan de eisen die worden gesteld aan kwaliteit en veiligheid van de drone zelf, maar ook aan de zichtbaarheid en meetbaarheid van operaties en diensten van de drone. Daardoor kunnen professionals zich onderscheiden, kan er vertrouwen groeien in deze jonge industrie en kan de sector beginnen zijn potentieel te benutten.

Maar waar richten die normen zich op en hoe vult het de wetgeving aan? In Europa worden er normen ontwikkeld die invulling geven aan het klassensysteem van C0 t/m C6 drones. Daarnaast worden op internationaal gebied (ISO) normen ontwikkeld op het gebied van classificatie, ontwerp, productie, operaties en het onderhoud en veiligheidsmanagement daarvan. Er zijn veel experts betrokken bij de ontwikkeling van normen voor drones en dat aantal groeit nog steeds. Maar er is veel werk te verzetten, er komen steeds meer onderwerpen waarvan duidelijk is dat er normen voor nodig zijn. De ontwikkelingen in de drone sector gaat enorm snel. Daarom is het van groot belang dat normen inspelen op deze ontwikkelingen en niet achter de feiten aanlopen. Dit is de reden dat de scope van de normen goed wordt afgebakend. Veel normen gaan met name over de minimale prestatie-eisen of over testmethoden en beschrijven dus niet de details van het ontwerp. Ze moeten gaan zorgen voor een raamwerk voor normen in het kader van veiligheid en kwaliteit. Door hier invulling aan te geven kan de dronemarkt de kans krijgen zijn potentieel te benutten.

Vele stakeholders

Er zijn al een aantal partijen die zich nationaal of internationaal inzetten voor de normontwikkeling van drones. Maar het is noodzakelijk dat de gehele markt vertegenwoordigd is om tot afspraken te komen die door alle partijen worden gedragen. Er wordt vaak gedacht dat de normen er alleen zijn voor de producenten van drones. Maar ook de gebruikers, dienstverleners, ontwikkelaars van accessoires, testcentra en onderzoeksinstellingen hebben allen belang bij goede en breed gedragen normen. Onderwerpen als 'veilig besturen', 'risico op verwonding van mensen minimaliseren', 'vluchtinstructies', 'geo-bewustzijn' en 'verificatiemethoden' zijn slechts enkele voorbeelden daarvan. Deelnemen aan de normcommissie betekent dat een organisatie inspraak heeft op de normen en een norm aansluit bij het desbetreffende product, dienst of het gebruik. Ook krijgt een normcommissielid toegang tot het nationale en internationale netwerk van experts en draagt de organisatie bij aan het breder inzetten van de drone in de maatschappij. Het zorgt dus voor maatschappelijke impact. Daardoor nemen de kansen voor de drone sector toe. Door de Nederlandse industrie te laten samenwerken in de normcommissie, kunnen we ervoor zorgen dat de stem van de Nederlandse drone industrie ook internationaal gehoord wordt.

Er zijn op dit moment ruim dertig internationale normen in ontwikkeling en de verwachting is dat dit aantal nog verder zal toenemen. Dit geeft een duidelijk beeld van de grote behoefte aan normen vanuit de sector. Commissieleden kunnen ook zelf voorstellen inbrengen voor (internationale) normen. Deelname aan de normcommissie wordt gestimuleerd door het Ministerie van I&W waardoor de financiële bijdrage beperkt is. Zo maken we het mogelijk om ook deelname voor kleine bedrijven aantrekkelijk te maken. Hierdoor kunnen we de stem van een brede groep stakeholders uit de Nederlandse drone industrie internationaal laten horen.

'Commissieleden kunnen ook zelf voorstellen inbrengen voor (internationale) normen. Deelname aan de normcommissie wordt gestimuleerd door het Ministerie van I&W waardoor de financiële bijdrage beperkt is. Zo maken we het mogelijk om ook deelname voor kleine bedrijven aantrekkelijk te maken. Hierdoor kunnen we de stem van een brede groep stakeholders uit de Nederlandse drone industrie internationaal laten horen.’

Vele stakeholders

Er zijn al een aantal partijen die zich nationaal of internationaal inzetten voor de normontwikkeling van drones. Maar het is noodzakelijk dat de gehele markt vertegenwoordigd is om tot afspraken te komen die door alle partijen worden gedragen. Er wordt vaak gedacht dat de normen er alleen zijn voor de producenten van drones. Maar ook de gebruikers, dienstverleners, ontwikkelaars van accessoires, testcentra en onderzoeksinstellingen hebben allen belang bij goede en breed gedragen normen. Onderwerpen als “veilig besturen”, “risico op verwonding van mensen minimaliseren”, “vluchtinstructies”, geo-bewustzijn” en “verificatiemethoden” zijn slechts enkele voorbeelden daarvan Deelnemen aan de normcommissie betekent dat een organisatie inspraak heeft op de normen en een norm aansluit bij het desbetreffende product, dienst of het gebruik. Ook krijgt een normcommissielid toegang tot het nationale en internationale netwerk van experts en draagt de organisatie bij aan het breder inzetten van de drone in de maatschappij. Het zorgt dus voor maatschappelijke impact. Daardoor nemen de kansen voor de drone sector toe. Door de Nederlandse industrie te laten samenwerken in de normcommissie, kunnen we ervoor zorgen dat de stem van de Nederlandse drone industrie ook internationaal gehoord wordt.

Er zijn op dit moment ruim dertig internationale normen in ontwikkeling en de verwachting is dat dit aantal nog verder zal toenemen. Dit geeft een duidelijk beeld van de grote behoefte aan normen vanuit de sector. Commissieleden kunnen ook zelf voorstellen inbrengen voor (internationale) normen.Deelname aan de normcommissie wordt gestimuleerd door het Ministerie van I&W waardoor de financiële bijdrage beperkt is. . Zo maken we het mogelijk om ook deelname voor kleine bedrijven aantrekkelijk te maken. Hierdoor kunnen wede stem van een brede groep stakeholders uit de Nederlandse drone industrie internationaal laten horen.

Meer informatie

Voor meer informatie over de normcommissie ‘Drones’, neem contact op met Nina van der Meer, iv@nen.nl.